dinsdag 22 november 2011

Een wreed stukje geschiedenis.

Gisterenavond de film Cambodia (Year Zero) bekeken uit 1978 van John Pilger, toevalligerwijs terwijl nu ook voormalige Khmer Rouge kopstukken berecht worden door het Cambodja-tribunaal. De film is vrij heftig overigens, ongelooflijk wat mensen elkaar kunnen aandoen, en hoe erbarmelijk de situatie was toen. Zo lang geleden is het eigenlijk nog niet dat Cambodja in puin lag, nadat de leden van de Khmer Rouge Phnom Penh evacueerden, mensen tewerkstelden, en zo ongeveer de gehele middenklasse uitroeiden. De Rode Khmer had een maoistische ideologie die het eenvoudige plattelandsleven verplicht stelde en de gemeenschap en leider boven het individu plaatste. De Rode Khmer kon sterk groeien door de aanvallen van Amerika en Zuid Vietnam op de Vietcong die volgens Amerika o.a. uit Cambodja opereerden om operaties in Vietnam uit te voeren.
De Amerikanen gingen hierbij rigoreus te werk met brandbommen en vele Cambodianen kwamen om.In 1978 viel Vietnam binnen om het regime van Pol Pot te verdrijven. De periode tussen 1969-1979 heeft aan naar schatting 3 miljoen cambodjanen het leven gekost. In de tijd dat de film gemaakt is valt te zien dat er hongersnood was en dat er nauwelijks humanitaire hulp van de grond kwam. Dit terwijl het land tot 1970 relatief welvarend is. Restanten van de rode Khmer bleven tot midden jaren negentig vooral in west cambodja opereren. Het land heeft nu een erge jonge bevolking waarvan 75% deze verschrikkelijke periode niet meegemaakt heeft. Nu vind het door de VN gesteunde Rode Khmer tribunaal Extraordinary Chambers in the Courts of Cambodia (ECCC) plaats: "De voormalige leiders van het regime van Pol Pot kunnen de wreedheden en misdaden die tijdens het Rode Khmer periode zijn begaan niet in de schoenen van hun leider of de omstandigheden schuiven. Dat zei de openbaar aanklager, Andrew Cayley, van het door de VN gesteunde Rode Khmertribunaal vandaag tijdens de tweede procesdag als reactie op de verklaring van de verdachten dat ze niet op de hoogte waren van de wreedheden en dat ze er zelf niet aan deelgenomen hebben. Hij zei dat de aangeklaagden, net als Pol Pot, over leven en dood hebben geheerst terwijl ze aan de macht waren van 1975 tot 1979" (geciteerd).
Khieu Samphan is de belangrijkste verdachte; Hij was voorzitter van de presidentiele raad onder Pol Pot, hij bepleitte dat hij in zijn functie als staatshoofd geen werkelijke macht had (zie).