zaterdag 7 april 2012

Beam me up scotty: terug naar Nederland.

Inmiddels ben ik weer terug in Nederland. Zoals ik deze blog begon met 'beam me up scotty' eindig ik deze ook. De verwachte terugslag, normaal na een hoofdstuk met zoveel avonturen afgesloten te hebben, is uitgebleven.

De vlucht van Phnom Penh naar Guangzhou en daarna naar Schiphol ging voorspoedig. Zowaar wat uurtjes op de nachtvlucht geslapen, en het was mooi de zon door het vliegtuigraampje steeds te zien opkomen boven het Russische witte landschap.

Maar even was er dan zo'n moment van vroege weemoed, toen terwijl ik in de rij stond voor het vliegtuig naar Amsterdam naast ons de passagiers in de rij stonden voor de vlucht naar Phnom Penh.

Nu kan ik al de ervaringen in Cambodja opdiepen op deze blog en in mijn gedachten om er leringen uit te trekken voor de toekomst.
Ik had het gevoel tijdens de laatste uren in Cambodja dat het geen afscheid voor altijd is, 

Het werken voor een kleine NGO in Cambodja heeft mij inzicht gegeven in het dagelijks leven van families op het platteland in het westen van Cambodja. Alhoewel er op het platteland zeker ook groot grond bezitters zijn, waarvan de eigenaren in de stad wonen, heeft het grootste gedeelte van de families 1-5 ha land. De kleine boeren zijn erg afhankelijk van het weer.
Ik ben in de droge tijd in Cambodja geweest. Vooral gezinnen die tijdelijk in de provincie wonen om te migreren naar Thailand zijn erg arm, en moeten soms kilometers lopen om aan water te komen. De ergste armoede heb ik gezien in Buengbeng in Chombok village. In een gedeelte waar improvisorische onderkomens verhuurd worden uit migranten die de overtocht naar Thailand willen wagen. De water situatie is hier voor families zonder pomp of waterreservoir nijpend, en ik heb nog nooit een kind zo blij gezien toen hij een flesje water kreeg.
In mei begint de regentijd, en ik heb gehoord dat dan hele dorpen onbereikbaar zijn voor mensen die niet de beschikking hebben over een SUV.

In Banteay Meanchey zijn ook mensen met een SUV. Dit zijn mensen die hoge posities hebben binnen de regering, politie, en leger, of families die een bedrijf hebben die goed loopt.
Ook zijn er families die honderden ha aan land bezitten die bewerkt worden door seizoensarbeiders.

Veel ervaringen zijn (nog) niet aangebod gekomen in deze blog, zit ik te denken. Vooral in de laatste maand heb ik het te druk gehad met geestelijk afscheid te nemen om regelmatig wat te kunnen schrijven.

Het verassingsbezoek samen met collega's aan Angkor Wat is ook nog blijven liggen omdat ik nog zoveel meer te weten zou willen komen over de geschiedenis van Angkor Wat.

Het is een mooie ervaring geweest om zaken die bij het leven horen in Cambodja mee te maken zoals huwelijken, en begravenissen.

Een paar dagen voor mijn vertrek werd ik uitgenodigd door Hak Ly, eigenaar van de winkel "Hak Ly" en zijn familie om het Chinese ritueel bij te wonen waar voorouders geeerd worden.
Hij had me in de periode dat ik in Sisophon was een aantal keren uitgenodigd om voor zijn winkel met zijn familie te eten. Een keer nodigde hij me na het eten uit wat biertjes te drinken, en toen wilde ik toch wat terugdoen. Dus ik pakte een zestal Heineken biertjes uit de ijskast van zijn winkel, met de bedoeling dit later af te rekenen. Tijdens het drinken vertelde hij

Winkel van Hak Ly met zijn kinderen voor de televisie.


dat tijdens Pol Pot hij al zijn familie kwijtgeraakt was.
Na het gezamenlijk drinken stond hij erop dat ik de flesjes Heineken en mijn boodschappen niet zou betalen. Terug naar het ritueel  .
We bezochten  de heuvel waarop de graven lagen van de familie van zijn vrouw lagen, (omdat zijn familie overleden was tijdens Pol Pot en de lichamen nooit gevonden waren) en de drie meegenomen gebraden varkens werden op de graven gelegd, evenals nepgeld, drank en zo een beetje alles wat iemand nodig heeft om te overleven. Hierna werden de graven versierd met strookjes gekleurd papier, die een dak symboliseert. Nadat de overledenen gegeten hebben, at de familie en ik als gast. Hierna kregen een arme familie en kinderen die het tafereel gadeslagen hadden, en die beneden de heuvel wonen, en dagelijks lang moeten lopen om water te halen, een stuk van het varken en wat geld aangeboden.

Nu terug in Nederland kan ik, en de lezer met mij deze ervaringen raadplegen.

Deze blog blijf ik sporadisch bijhouden om herinneringen op te schrijven van deze reis, en om eventuele plannen op te schrijven om terug te keren. Toen ik wegging uit Cambodja had ik het gevoel dat het niet de laatste keer zou zijn dat ik daar ben. De tijd zal het leren.

zondag 1 april 2012

Het zuiden van Battambang: Wat Banan.


De tocht naar Wat Banan voert over een kronkelende nieuw geasfalteerde weg door groene velden. De provincie Battambang staat bekend om zijn vruchtbaarheid: Het staat bekend als de rijstkom van Cambodja. De meeste vruchten in Cambodia van bananen tot sinaasappels komen ook uit Battambang.

Uitzicht vanaf Wat Banan



In vergelijking met Banteay Meanchey de provincie die grenst aan Battambang, is deze provincie echt een zeer groene oase. In deze provincie worden naast rijst, en fruit, ook veel rode koren, en cassave verbouwd. Battambang light in het bassin van het grote meer in het midden van Cambodja: Tonle Sap. Het meer dient in de regentijd als natuurlijke buffer en zwelt dan gigantisch in oppervlakte dat zowel natte voeten als vruchtbare Mekong slib achterlaat.













Wat Banan is in het midden en einde van de twaalfde eeuw gebouwd, en ligt op de top van een vierhonderd meter hoge berg. De trap omhoog heeft 337 treden. 



Het uitzicht vanaf de berg is schitterend over de rijstvelden, maar borden waarschuwen voor mijnen buiten de gebaande paden. 




Tot eind negentiger jaren waren in het zuiden van Battambang nog Rode Khmer eenheden actief. Het Vietnamese leger moest hier nog  regelmatig gevechten leveren, en in 2002 was dit nog een militaire positie.  Aan de voet van de berg ligt een oude verlaten klooster. De monniken schijnen naar een andere plek verhuisd te zijn.
 
Onderweg naar Wat Banan is er trouwens ook een wijngaard. Dit is een van de weinige plekken in Cambodja waar druiven verbouwd worden om wijn te maken.



vrijdag 2 maart 2012

De omgeving van Battambang: richting het noorden naar de Ek Phnom tempel.

De omgeving van Battambang heeft wat weg van Nederland: Het is grotendeels vlak en groen, en er zijn irrigatie kanalen. Daarna houd de vergelijking op: Hier staan palmbomen, pagodes en het is in maart hier een aantal graden warmer.
Het vlakke land maakt het een ideale omgeving om te fietsen. Fietsen zijn in Battambang voor $1,50-$2,00 te huur. Na een fiets gehuurd te hebben ben ik Battambang uit gefietst, een provincie stad dat wat meer mondainer en veel meer toeristen trekt dan Sisophon. In Sisophon kom je geen enkele toerist tegen. Terwijl in Battambang je bijna op elke straathoek wel een toerist tegenkomt. Battambang biedt naast huizenblokken met woningen uit de Franse tijd, de centrale markt, en de vele pagodes eigenlijk niet zoveel toeristische trekpleisters.

De meeste bezoekers huren dan ook een tuktuk of de fiets om de omgeving te verkennen. Battambang is wel de tweede stad van Cambodja met een inwonertal van 250,000 ook al doet het centrum van de stad dit niet vermoeden: Het heeft de uitstraling van een rustig provinciestadje dat aan de rivier de Sangke ligt.

Op zo'n 15 km van Battambang ligt de Ek Phnom tempel.De Ek Phnom tempel is een Hindoeïstische tempel die voor Angkor Wat gebouwd is in het jaar 1027.
Om de Ek Phnom tempel te bereiken moet je de rivier volgen werd me verteld. Dat klopte gelukkig.
Ook al had ik de tempel bijna gemist omdat ik aan de verkeerde kant van de rivier reed.






De fietstocht van in totaal zo'n 30 Km voert door dorpjes en langs zo'n beetje alle geloofsgemeenschappen; Natuurlijk overwegend pagodes, maar ook langs enkele moskeeën, en een enkel kerkje van de apolistische gemeente.








De volgers van de drie geloven hebben het allemaal zwaar te verduren gehad,  maar de pagodes langs de fietsroute lijken in veel gevallen het schrikbewind van Pol Pot te hebben. Er word gezegd dat dit komt omdat de plaatselijke Khmer rouge goeverneur de pagodes spaarde (bron) of omdat de zware wapens ontbraken om de pagodes te vernietigen. De pagodes hebben deze tijd in ieder geval overleefd dit in tegenstelling tot vele andere pagodes.
Moslims zijn al meer dan duizend jaar in Cambodja, en het zijn vooral de Chams die moslim zijn. De Chams zijn ook de eeuwenoude vijand van de Khmer. Zoals in de tijd van Angkor Wat. De Rode Khmer heeft geprobeerd de Cham geheel uit te roeien. De moslim gemeenschap heeft het ook erg zwaar te verduren gehad in die tijd. Alle 132 moskeeën werden in deze tijd verwoest. In Cambodja leven nu ongeveer 136,000 moslims, en vormen een kleine minderheid. (Bron).

Op weg naar de tempel ben ik twee moskeeën tegengekomen waar de Chams vaak geconcentreerd omheen wonen.

De Ek Phnom tempel is grotendeels aangetast door de tand des tijds, maar ook door oorlogshandelingen deelsverwoest.

Lang nadat Phnom Penh door Vietnamese troepen bevrijd werd, bleven juist in Pailin en Battambang Rode Khmer eenheden actief waar ze vooral bergposities innamen. Maar eind jaren tachtig werd Pailin ingenomen en in 1990 werd een grote aanval geopend op de stad Battambang.

In 1988 werd de stad al grotendeels ingenomen door een duizendtal Khmer rouge strijders die de Vietnamezen noodzaakten zich terug te trekken. De Ek Phnom tempel schijnt ook een van de vele plekken te zijn waar Khmer rouge strijders gruwelijkheden hebben begaan op de plattelands- en uit de steden gedeporteerde bevolking.



Wanneer je de tempel tegenkomt zie je eerst een groot Boeddha beeld met bijgebouw die half is afgebouwd. Het verhaal gaat dat de bouw ervan door de gouverneur gestopt werd omdat het de monumentale waarde van de tempel zou aantasten.

De basis van de tempel staat er nog altijd, en wordt omringd door 18 Bodhi bomen. Tegenwoordig is de plek een populaire plek om te picknicken en ook een vaste prik voor toeristen die Battambang bezoeken. Toen ik er was was het redelijk rustig met een tiental andere toeristen op het tempel terrein.














De Ek Phnom Pagode is zeven jaar geleden naast de ruine van de tempel gebouwd. Het schijnt een van de meest complete collecties van Boedhistische muur en plafond schilderingen te herbergen. Ook schijnt het geen crematorium the hebben. Behalve een klein crematorium voor de lichamen van de monniken. De dorpelingen uit de omgeving kappen meestal een bananenboom en mengen dit met steenkool om een uitvaartsvuur te maken (bron).










 De weg naar de tempel is kronkelen en verhard. De tocht voerde langs veel winkeltjes, en in enkele dorpen markten die allerlei plaatselijke specialiteiten schijnen te verkopen.
Maar achter de huizen lagen toch vooral rijstvelden die de aanblik geeft van het groene Hollandse weidelandschap waarop enkele koeien grazen.